Belankrijkste immigratietijdperken

Vanaf de Franse Revolutie tot en met de Eerste Wereldoorlog

Foto van de Regentschapstraat in de richting van het Koninklijk Plein. Rechts ziet men de Grote Synagoge van Brussel en het Centraal Israëlitisch Consistorie van België, gebouwd door de Belgische architect Désiré De Keyser en ingehuldigd in 1878. Foto dateert tussen 1890 en 1900 (© Collectie JMB).

Als gevolg van de oorlogen van Napoleon werden de Zuidelijke Provincies ingelijfd in de Franse Republiek in 1795. De hier wonende joden werden gelijke burgerrechten verleend. Op 17 Maart 1808 erkende Napoleon wettelijk het Jodendom als een religie georganiseerd door synagogen en bestuurd door consistories. De kleine joodse gemeenschap op ons grondgebied werd verdeeld tussen het consistorie van Krefeld (Duitsland) en van Trier (Frankrijk) (2). Na de nederlaag van Napoleon te Waterloo, op kleine afstand van Brussel, werden de Zuidelijke Provincies deel van het Koninkrijk der Nederlanden.

Na de revolutie van 1830 werd België een onafhankelijk koninkrijk. De Belgische grondwet scheidt godsdienst en staat. De joodse godsdienst wordt officieel als een religie erkend en het belijden ervan is volledig vrij. Het jodendom staat onder het beleid van de nationale overheid en in het bijzonder onder het gezag van het ministerie van Justitie. Heden ten dage is het Centraal Israëlitisch Consistorie van België verantwoordelijk voor alle religieuze aspecten van het jodendom : de benoeming van rabbijnen, voorzangers, synagogekosters, rituele slachters en godsdienstleraars; het is ook verantwoordelijk voor erkenning van synagogen.

In het centrum de synagoge op het Filip van Maestrichtplein in Oostende, gebouwd door de Joodse architekt Joseph De Lange en ingehuldigd op 29 Augustus 1911. (© Collectie JMB)

Gedurende de 19de eeuw groeit de joodse aanwezigheid langzamerhand : de immigratie van joden uit de Elzas en Lotharingen in het zuiden van België, Duitse joden in Brussel evenals Hollandse joden die zich in Antwerpen vestigden. De institutionele consistories onder het regime van Napoleon dienden als model voor de organisatie van het joods leven in België.

Een schatting geeft aan dat in 1880 rond 4.300 joden in België woonden. Na de moord op de Russische tsaar in 1881, ontstond er een nieuwe inwijking van immigranten komende uit Oost-Europa, mede dank zij de pogroms, een gevolg van de moord op de tsaar. Voor vele inwijkelingen was België, en voornamelijk Antwerpen, een tussenstop voor emigratie naar de Verenigde Staten.

Ten slotte vestigden ook Sefardische joden vanuit het Ottomaans keizerrijk gedurende de Grieks-Turkse oorlog op het einde van de 19de eeuw zich eveneens in België.
In het midden van de 19de eeuw werd de haven van Antwerpen één van de meeste belangrijkste in Europa.
Er ontstonden regelmatige maritieme verbindingen tussen Antwerpen en de Verenigde Staten. Sommige vluchtelingen die naar de Verenigde Staten wouden vertrekken, besloten uiteindelijk zich in Antwerpen, Aarlen, Brussel, Charleroi, Gent, Luik en Oostende te vestigen. Er wordt verondersteld dat in 1914 er ongeveer 40.000 joden in België woonden.

Van 1918 tot 1944
In 1921 besloten de Verenigde Staten de toegang voor immigranten grotendeels te beperken. Aldus hadden Russische emigranten in spe weinig keus en vestigden ze zich in België, waarbij velen tewerkstelling vonden in de opbloeiende diamantnijverheid.

Religieus huwelijkscontract (ketouba) tussen Feiga Lea en Yehoeda Tzvi, Charleroi, 1929. 43 x 34 cm (© Collectie JMB)

Tijdens de jaren 1920-1930, nam de joodse gemeenschap in Antwerpen een grote vlucht dank zij Poolse migranten. Veel religieuze joden vonden in Antwerpen een veilige omgeving voor hun manier van leven en vestigden zich aldaar.
Met de toevlucht van Duitse vluchtelingen in de jaren dertig scheerden de joodse gemeenschappen in België de hoogste toppen in 1939. Men kan aannemen dat er tijdens het jaar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog er 65.000 joden in België verbleven, verspreid over Antwerpen (25.000), Brussel (30.000), Luik (5.000), Charleroi (3.000), Aarlen, Namen en Gent (2.000). In andere provincies bestonden er eveneens kleine gemeenschappen.
Ongeveer 30.000 joden werden tijdens de holocaust gedeporteerd. Ongeveer 25.000 vanuit de Dossin kazerne in Mechelen (België) en ongeveer 5.000 vanuit Drancy in Frankrijk. Het Jodenregister van België omvat iets meer dan 56.000 geregistreerde joden die in België verbleven. Waarschijnlijk hebben 10.000 joden die eveneens in België verbleven in 1940 enerzijds zich hebben kunnen redden bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en anderzijds zich niet hebben aangemeld bij de overheid ter registratie.

Van 1945 tot heden

Een groep van 12 jongeren tijdens een gemeenschappelijke Bar Mitzva viering rond 1945-1946 in de Grote Synagoge van Brussel met voorzanger Pinkas Kahlenberg (in het midden op de achterste rij). (© Collectie P. Kahlenberg)

De heropbouw van de joodse gemeenschappen was het eerste en belangrijkste doel voor de overlevenden. Na de Tweede Wereldoorlog bestonden de joodse gemeenschappen uit personen die in staat waren onder te duiken evenals de 1.207 personen die uit de concentratiekampen terugkeerden. Andere overlevenden uit de kampen en ontheemden die voor de oorlog geen directe link hadden met Belgtië vervoegden de lokale joodse gemeenschappen.
Deze laatste groep kwam voornamelijk uit Oost-Europa (Tsjechen, Hongaren, Polen en in de jaren vijftig eveneens Roemenen) die meest waarschijnlijk familie, vrienden of landsleit (personen die uit dezelfde stad of regio afkomstig waren) in België hadden.

De bloeiende diamantnijverheid trok veel buitenstaanders aan om zich in Antwerpen te vestigen en anderen waagden hun kans om in Brussel naar commerciële opportuniteiten te zoeken.

Kleinere joodse gemeenschappen ontstonden weer in Aarlen, Charleroi, Gent, Luik en Oostende.

Sommige joden vestigden zich na de oorlog eveneens tijdelijk in België, wachtend op een geschikt ogenblik om naar Palestina te emigreren, dewelk onder Brits mandaat stond.
Anderen wachtten op de mogelijkheid om naar de Verenigde Staten te emigreren, gedeeltelijk tegengehouden door immigratiequota’s. Tijdens de jaren zestig geeft de economische boom over heel de wereld aanleiding tot de ontwikkeling van gestructureerde joodse verenigingen in België. Heden ten dage zijn de structuren van joodse verenigingen in België nog steeds gebaseerd op deze van de jaren zestig van de vorige eeuw.

(1) Apsel Marcel, Dratwa Daniel en Drilsma Bob (2004) Belgium pag. 236-242 in : Mokotoff Gary and Sack Sallyann Amdur (uitgevers) Guide to Jewish genealogy, Avotaynu, Bergenfield, N.J. U.S.A.
(2) Een consistorie is een officieel erkende vereniging met als belangrijkste doel het organiseren van de joodse cultus en aanbelangende activiteiten zoals besnijdenissen, huwelijken, begrafenissen, opvoeding en ritueel slachten.
Iedereen die een vergissing of een vergetelheid opmerkt, wordt gevraagd contact op te nemen met de verantwoordelijke uitgever om modificaties in een zo kort mogelijke tijd te kunnen bewerkstelligen.

Flags Widget powered by AB-WebLog.com.